CITAAT
“Characteristic of modern age, according to Hegel, is the cultural transformation generated by the idea of freedom taking over the power of tradition and religious practices. What is this transformation? Simply put, the idea of freedom determines the essence of politics. Freedom is the idea by which human beings become conscious of creating the world in accordance with their own will. […] In other words, when freedom becomes the principle of politics, there is no longer a dependence on an external object that cannot be transformed into a means submitted to the purpose of the realisation of a free world […] Consequently, in its very essence, the idea of freedom reveals itself as something ‘absolute’. The immediate realisation of absolute freedom in the political sphere, however, expresses itself as pure negativity, as radical overcoming. When this happens, the idea of freedom becomes the ultimate source of terror. […] The reason for this inversion is that the idea of absolute freedom is just an abstraction without positive content. “
REFERENTIE
Arthur Cools, Terror and terrorism, A Necessary Confusion, in: Kem Crimmins and Herbert De Vriese (eds.), The Reason of Terror. Philosophical Responses to Terrorism, Peeters, Leuven, 2006, blz. 39, mijn cursivering
COMMENTAAR
Hegel beschouwde de terreur die plaatsvond naar aanleiding van de Franse Revolutie als een gevolg van een politieke vrijheid die beleefd werd als een absolute vrijheid, een vrijheid die door niets of niemand beperkt kon worden. Men wou een ‘tabula rasa’ doorvoeren en het ‘Ancien Régime’ volledig vernietigen. Hegel beschouwde deze absolute vrijheid als zuiver negatief en destructief, omdat ze niet gericht was op iets anders dan zichzelf. De vrijheid zou maar constructief worden wanneer ze gericht wordt op het ontwerpen van een morele samenleving.
Deze analyse van de absolute vrijheid die in haar essentie zuiver negatief en destructief is lijkt mij waardevol, niet alleen op politiek vlak, maar ook op vlak van de persoonlijke ontwikkeling van de mens.
Deze analyse van de vrijheid verklaart gedeeltelijk de malaise die bijvoorbeeld Frank Furedi en Bill Durodié in de westerse samenleving waarnemen.
De Canadese filosoof Charles Taylor wijst op twee belangrijke momenten in de ontwikkeling van een vrije persoon: een moment waar men zich moet bevrijden van een aantal beperkingen die de vrijheid inperken of onmogelijk maken (negatief moment) en een moment waar men die vrijheid kan beleven gericht op een specifiek constructief doel (positief moment).De vrijheid die een doel op zich blijft, is leeg. In onze tijd wordt m.i. de ‘negatieve’ vorm van vrijheid overbeklemtoond, met als gevolg dat veel mensen niet meer betrokken zijn op iets anders dan hun vrijheid, wat een van de aanleidingen is van wat Taylor ‘de malaise van de moderniteit’ noemt.
Zoals Lipovetsky schrijft: ” Traversant seule le désert, se portant lui-même sans appui transcendant, l’homme d’aujourd’hui se caractérise par sa vulnérabilité ». Gilles Lipovetsky, L’ère du vide. Essais sur l’individualisme contemporain, 1983, blz. 67.
maandag 31 maart 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten